Duiventoren Huis te Werve Rijswijk

Elke maand reikt de provincie Zuid-Holland een Compliment voor het Monument uit als blijk van erkenning voor gerestaureerde monumenten. Het Compliment van februari gaat naar de duiventoren op Landgoed Te Werve in Rijswijk (Z-H). Deze unieke duiventoren dateert uit de 15e eeuw en is recent volledig gerestaureerd.

Erfgoed maakt de omgeving mooier en vertelt het verhaal van onze geschiedenis. Monumenten dragen bij aan de identiteit en kwaliteit van onze leefomgeving. De provincie Zuid-Holland houdt monumenten in stand door restauraties te stimuleren en leegstand te voorkomen door herbestemming. Zo zijn veel restauraties van rijksmonumenten en herbestemmingen financieel op gang geholpen. Hierdoor blijft ons erfgoed beleefbaar voor een zo groot mogelijk publiek, nu en in de toekomst.

De oudste Duiventoren van Nederland

De Duiventoren van Rijswijk
De Duiventoren van Rijswijk

De duiventoren dateert uit 1448, wanneer Jan Ruychrok, de schatmeester van Jacoba van Beieren, Te Werve koopt. Hij vergroot het landgoed aanzienlijk en laat ook een toren bouwen. Het is de oudste duiventoren die ons land nu nog kent.

Opmerkelijk is dat het onderste gedeelte van de muren, tot ca. 1,70 meter boven het maaiveld, een muurdikte hebben van 43 cm. Vanaf circa 1,70 meter hoogte worden ze 21 cm dik. Dit bewijst dat het gebouw niet altijd een duiventoren is geweest. Je bouwt tenslotte geen duiventoren met een wanddikte van bijna een halve meter.

Het Leidens Ontzet

Het vermoeden bestaat dan ook dat er een verband is tussen de toren en het ontzet van Leiden. Tijdens de gevechten rond Leiden is er ook in en om Rijswijk lange tijd bijna dagelijks gevochten, waarbij veel molens en torens vernield zijn. Deze gebouwen waren door hun bouw uitstekende uitkijkposten voor de Spaanse soldaten. Pas in 1576 lieten de Spaanse troepen Holland voor wat het was en keerden ze niet meer terug. Daarna is de toren hoogstwaarschijnlijk In 1590 omgebouwd naar een duiventoren in renaissance-stijl. Dit het jaartal is opgenomen in de zandstenen gevelsteen in de oostelijke gevel.

Het recht van duivenslag

De Duiventoren van Rijswijk
Detail van de Duiventoren van Te Werve in Rijswijk

De toren kent in elke gevel 29 duivengaten. Zo kon men in één oogopslag zien hoeveel grond de landheer had. In de middeleeuwen is het houden van duiven populair, voornamelijk voor consumptie. Het is echter wel omstreden vanwege de schade die duiven veroorzaken aan zaaigoed en de oogst op de omliggende velden. Langzaam ontstaat het idee dat het houden van duiven aan regels moet worden gebonden. En zo geschiedde. Het recht om duiven te houden is vanaf de 13de eeuw gekoppeld aan landbezit. Met eigen land is de kans op schade door duiven aan de gewassen van derden tenslotte minder groot. In de praktijk betekent dit dat het houden van duiven, het recht van duivenslag, vanaf dat moment voorbehouden is aan de kerk en adel. Dit recht is uiteindelijk in 1954 afgeschaft.

Restauratie

Mede met hulp van een subsidie van de erfgoedlijn Landgoederenzone van de Provincie Zuid-Holland en van het Prins Bernard Cultuurfonds afdeling Zuid-Holland is de duiventoren in de afgelopen maanden gerestaureerd, zodat hij weer in volle glorie op het landgoed staat te prijken. Samen met andere landgoederen en buitenplaatsen vertelt dit het verhaal van de adel en welvarende stedelingen in de Gouden Eeuw: het Hollands Buiten. Zie voor meer informatie over de te bezoeken locaties de website www.hollandsbuiten.nl.

Landgoed Te Werve

De geschiedenis van Landgoed Te Werve in Rijswijk is rijk en gaat ruim 750 jaar terug. In de loop der eeuwen heeft het landgoed de nodige bewoners van naam en faam gekend. De oudst bekende bewoner van Te Werve, toen nog alleen een versterkte toren of donjon, is Floris van de Werve die er rond 1260 woonde. De laatste particuliere bewoner van Te Werve was de oud-directeur van de Delftse aardenwerkfabriek De Porceleyne Fles, Abel Labouchère. Hoewel Landgoed Te Werve in de loop der eeuwen vele verbouwingen en gedaantewisselingen heeft ondergaan, is Labouchère voor een belangrijk deel verantwoordelijk voor het huidige aanzien. Hij geeft in 1910 toestemming voor zandwinning op zijn grond voor de ontwikkeling van het Haagse Laakkwartier, waardoor een waterpartij van negen hectare ontstaat die tegenwoordig bekend staat als ‘De Put’.

Speciale rondleiding

Het landgoed is toegankelijk voor donateurs van de stichting Vrienden van Te Werve. Tegen een kleine vergoeding is het landgoed voor hen het hele jaar toegankelijk (bezoek de website). Op Open Monumentendag en de Dag van het Kasteel is het landgoed voor iedereen te bezoeken. Voor niet donateurs wordt er, speciaal vanwege het provinciale Compliment, een rondleiding op het landgoed georganiseerd met een bezoek aan de duiventoren, op zondag 19 april 2020 om 15.00 uur. Indien u zich hiervoor wilt aanmelden, dan kunt u een e-mail sturen naar info@tewerve.nl.

Onze-Lieve-Vrouw ten Hemelopnemingkerk Voorburg

De herbestemming voor de Onze Lieve Vrouwe ten Hemelopnemingkerk in Voorburg komt heel dichtbij. Mede dankzij inspanning van de Aanjager herbestemming religieus erfgoed van de provincie Zuid-Holland is het kerkgebouw door de parochie verkocht aan een projectontwikkelaar. Deze gaat de herbestemming op zich nemen. Hiermee blijft het behoud van dit rijksmonument gewaarborgd.

De provincie voelt zich verbonden met haar kerkgebouwen. Voor velen voorheen een plek van spiritualiteit, bezinning en het vieren van mooie of markante levensmomenten. Kerken hebben bovendien veelal een kompasfunctie in ons Zuid-Hollandse landschap.

Op 17 februari 2020 markeerden gedeputeerde voor Zuid-Holland, Willy de Zoete, wethouder Van Eekelen van de gemeente Leidschendam-Voorburg, Marnix Norder van projectontwikkelaar Steenvlinder en de parochie het moment waarop we vooruit kijken naar de nieuwe bestemming van dit kerkgebouw. Het kerkgebouw zat ouderwets vol met buurtbewoners en andere belanghebbenden om dit herbestemmingsmoment mee te vieren. Er werd ook ruim gebruik gemaakt van de mogelijkheid om je op te geven om mee te denken over de herbestemming. Na twaalf jaar leegstand kan nu een start gemaakt worden met de herbestemming. De omvang en hoogte van de kerk en de bijzondere lichtinval door de glas in loodramen gaan een unieke ruimte bieden voor wonen en werken of het krijgt een culturele of openbare functie. Steenvlinder creëert hier een project waarbij omwonenden en toekomstige bewoners en gebruikers zelf de regie hebben over gebruik en inrichting van het gebouw.

Gedeputeerde Willy de Zoete: “Kerken zijn al eeuwen belangrijke bakens in het landschap voor onze inwoners. Vaak centraal in een dorp of stad of het middelpunt van wijken en buurten. Het is voor de beleving van onze geschiedenis, het behoud van markant erfgoed en voor de erkenning van hun maatschappelijke traditie goed dat lege kerken een nieuwe rol kunnen krijgen. Als woning, culturele of economische broedplaats of bijvoorbeeld als museum en zo onderdeel blijven van een lokale gemeenschap. De provincie Zuid-Holland ondersteunt dit streven naar hergebruik van, en een nieuwe toekomst voor, monumentaal religieus erfgoed”.

Aanjagers rijksmonumentaal erfgoed

Aanjagers erfgoed
Het aanjaagteam met van links naar rechts: Ton Vervoort, Klaas Telgenhof, Ruud Wiersum.

Sedert 2018 heeft de provincie drie aanjagers aangesteld om eigenaren van religieus, industrieel en agrarisch Rijksmonumentaal erfgoed te helpen bij het herbestemmen van hun panden. Onze aanjager religieus erfgoed was nauw betrokken bij de herbestemming van de Onze Lieve Vrouwe ten Hemelopnemingkerk. In goede samenwerking met de parochie en het bisdom heeft de aanjager een ontwikkelplan opgesteld, de firma Steenvlinder bereid gevonden het pand in ontwikkeling te nemen en bestuurlijke afstemming gezocht met de gemeente voor functiewijziging. Een zeer succesvol gezamenlijk traject.

De provincie bewaakt en behoudt haar cultureel erfgoed. Erfgoed maakt de omgeving mooier en blijft zo behouden voor een groot publiek. Nu en in de toekomst. Zo maken we Zuid-Holland elke dag een beetje beter.

Elke maand reikt provincie Zuid-Holland een Compliment voor het Monument uit als blijk van erkenning voor gerestaureerde en herbestemde monumenten. Het eerste Compliment voor het Monument gaat naar Nationaal Monument Oranjehotel in Den Haag.

Erfgoed maakt de omgeving mooier en vertelt het verhaal van onze geschiedenis. Monumenten dragen bij aan de identiteit en kwaliteit van onze leefomgeving. De provincie Zuid-Holland houdt monumenten in stand door restauraties te stimuleren en leegstand te voorkomen door herbestemming. De provincie heeft veel restauraties van rijksmonumenten en herbestemmingen financieel op gang geholpen.

In 2020 wil de provincie maandelijks een van deze bijzondere monumenten in het zonnetje zetten en haar waardering uitspreken voor restauraties waarbij de belangrijke cultuurhistorische waarde is behouden en voor herbestemmingen die een verrijking voor het monument zijn. Zij doet dat vanaf januari 2020 door maandelijks het Compliment voor het Monument uit te reiken.

Het Oranjehotel

Directeur van Monument Oranjehotel en projectleider Ron Brans van provincie Zuid-Holland bij de uitreiking van het Compliment
Directeur van het monument Oranjehotel Ank van der Laan en projectleider van de provinciale erfgoedlijn Atlantikwall Ron Brans bij de uitreiking van het Compliment

Het Compliment voor het Monument gaat dit keer naar Nationaal Monument Oranjehotel in Den Haag. Het ‘Oranjehotel’ was tijdens de Tweede Wereldoorlog in de volksmond de naam van de cellenbarakken van de Scheveningse gevangenis. Gelegen in het bestuurlijk centrum van Nederland, en van de bezettingsmacht, was het Oranjehotel gedurende de gehele oorlog een gevangenis in Duitse handen. Tenminste 25.000 Nederlanders die zich tegen de Duitsers verzet hebben, werden er opgesloten voor verhoor en berechting door de rechtbanken van de nationaalsocialisten (nazi’s). Vanuit heel Nederland vervoerden de nazi’s verzetsmensen naar het Oranjehotel. Ook tijdens grote processen, zoals van de Geuzen en de Stijkelgroep, werden de verdachten in het Oranjehotel gevangen gehouden.

Het Oranjehotel in Den Haag
Galerij met cellenblokken Oranjehotel

Talloze prominente verzetsmensen werden opgesloten in het Oranjehotel: Pim Boellaard, Titus Brandsma, Ruurd Cleveringa, Han Stijkel, Erik Hazelhoff Roelfzema, Stuuf Wiardi Beekman en Bernard IJzerdraat. Na hun vonnis werden duizenden gevangenen vanuit het Oranjehotel, vaak via de kampen Vught en Amersfoort, gedeporteerd naar de kampen in Duitsland, waar zeer velen omkwamen. Meer dan tweehonderd terdoodveroordeelden brachten hun laatste uren door in de dodencellen van het Oranjehotel. Vanuit daar werden zij door het “Poortje” in de lange gevangenismuur naar de Waalsdorpervlakte gebracht, waar zij werden gefusilleerd.

Kruizen Waalsdorpervlakte kleiner. Foto Arjan de Jager
Kruizen van de Waalsdorpervlakte, tentoongesteld in het Herinneringscentrum. Foto: Arjan de Jager

De geest van verzet

Het Oranjehotel ademt de geest van verzet, de geest van moedige mensen die zich tegen onrecht en geweld verzet hebben. Deze nalatenschap inspireert en is van cruciaal belang, altijd en overal, in de strijd voor een rechtvaardige samenleving. Dit maakt het Oranjehotel, in het bijzonder Doodencel 601, een authentiek en uniek monument.

Het Oranjehotel - Herinneringscentrum
Herinneringscentrum van het Oranjehotel. Foto: Arjan de Jager

Het Herinneringscentrum Oranjehotel biedt de bezoekers een educatief programma aan over de geschiedenis en de betekenis van het Oranjehotel in de Tweede Wereldoorlog.

Beter toegankelijk

In december 2016 heeft de provincie mede dankzij de erfgoedlijn Atlantikwall een subsidie van €573.000 verleend voor de grootscheepse restauratie en herbestemming van het Oranjehotel. Dankzij dit bedrag kon het cellenblok beter toegankelijk worden gemaakt. Dit maakt de herinnering aan, en het herdenken van, de gruwelijke geschiedenis van dit monument beter mogelijk. Daarmee komt een essentiële functie van het gebouw nog beter tot zijn recht en is dit een mooie plek om te herdenken en om steeds weer onze vrijheid te vieren en te koesteren.

Watertorenprijs

De Architectuurprijs, de Zwarte Tulpprijs en de Watertorenprijs: in een drietal competities ontvingen herbestemmingen in Zuid-Holland de afgelopen weken een officiële blijk van erkenning voor behoud, restauratie en doorontwikkeling.

Architectuurprijs 2019 naar Fenix I Rotterdam

Fenix I is de winnaar van de vakjuryprijs en de publieksprijs bij de Rotterdam Architectuurprijs 2019. Fenix I werd woensdagavond 18 december met beide prijzen bekroond tijdens een feestelijke bijeenkomst in de Burgerzaal van het stadhuis Rotterdam. Zowel bij de vakjury als bij het grote publiek kon Fenix I rekenen op grote waardering. Dit jaar werd de Rotterdam Architectuurprijs voor de tiende keer uitgereikt. Het is een gebouw als stad, constateerde de jury. Ontworpen door Mei architects & planners met als opdrachtgever en bouwer Heijmans combineert het gebouw wonen en stedelijk leven, en bouwt letterlijk door op de geschiedenis van Rotterdam; het pand ligt boven op een oude loods.

Zwarte Tulpprijs 2019 voor bollenschuur in Katwijk

De eigenaars van een 125 jaar oude bollenschuur aan de Rijnstraat 6 in Katwijk hebben de Zwarte Tulp Prijs 2019 voor behoud en herbestemming van bollenschuren ontvangen. Wouter Jinssen en Corina Krijgsman kregen de prijs voor de voorbeeldige manier waarop zij hun pand in Katwijk aan de Rijn hebben gerestaureerd en voor de toekomst hebben behouden.

Watertorenprijs 2019 voor herbestemming Zwijndrecht

Isa Ambacht, eigenaar van een watertoren in Zwijndrecht, heeft op 11 december de watertorenprijs 2019 in de wacht gesleept voor de herbestemming van de watertoren te Zwijndrecht. De award, ingesteld door de Nederlandse Watertoren Stichting (NWS), is door de beleggingsinstelling met enig ceremonieel uitgereikt in de het markante rijksmonument van 41 meter hoog. De toren kreeg na jaren leegstand en verschillende plannen uiteindelijk een mooie nieuwe inrichting. Pal naast het gebouw, grenzend aan de Oude Maas, is bovendien de eerste Petit Place neergezet, een tiny house, modulair opgebouwd en duurzaam.

De Van Nelle-fabriek in Rotterdam, het Energiehuis in Dordrecht en de Meelfabriek in Leiden: stuk voor stuk aansprekende projecten die illustreren welk potentieel er schuil kan gaan in vervallend industrieel erfgoed. Op dinsdag 3 december organiseerde het Erfgoedhuis in samenwerking met de provincie Zuid-Holland de Studiemiddag Herbestemmen Industrieel Erfgoed, waarbij we keken naar de kansen en uitdagingen van herbestemmen aan de hand van twee specifieke initiatieven. Bekijk de presentaties terug via deze pagina.

Het Nederlandse Industrieel Erfgoed stond in 1996 – het Jaar van het Industrieel Erfgoed – voor het eerst in de schijnwerpers. Sindsdien is de belangstelling voor dit ruwe en stoere erfgoed enorm gegroeid. In de loop der jaren hebben tal van partijen er voor gezorgd dat karakteristieke industriële gebouwen op een creatieve en inspirerende wijze een succesvol tweede leven hebben gekregen.

Op de studiemiddag over Industrieel erfgoed op 3 december keken we naar de kansen en uitdagingen van herbestemmen, aan de hand van meerdere specifieke initiatieven. In de meeste gevallen zijn herbestemmingen moeizame (gebieds-) processen waarbij betrokkenen een lange adem moeten hebben. Het begint veelal met een (goed) idee van een gewenste herbestemming die andere partijen inspireert. Een herbestemming is altijd een gezamenlijk proces.

Tijdens de studiemiddag werd gekeken naar de kansen en uitdagingen van twee herbestemmingsinitiatieven die nog niet zijn afgerond, maar al wel in gang zijn gezet.

Bekijk de presentaties terug

Het Grote Kantoor in Delft (afbeelding uit presentatie Ton Vervoort)

Bekijk de presentaties hier terug (PDF opent in nieuwe tab):

Programma

  • 12.30 – 13.15: Ontvangst met koffie/thee & indeling in groepen
  • 13.15 – 14.00: Rondleiding over het terrein van de Wilhelminahaven door Guido de Jong e.a.
  • 14.00 – 14.30: Terug naar de Kroepoekfabriek, warm drankje + verzamelen in de plenaire zaal
  • 14.30 – 14.45: Welkomstwoord Marielle Hendriks, directeur Erfgoedhuis Zuid-Holland
  • 14.45 – 15.15: Ton Vervoort, Aanjager Industrieel Erfgoed 
  • 15.15 – 15.45: Aart Spoon: Ervaringen met Herbestemmen Industrieel Erfgoed (o.a. Cichoreifabriek Ouddorp, Meelfabriek Leiden)
  • 15.45 – 16.15: Discussie en vragen
  • 16.15 – 17.00: Drankje & Netwerken

Praktisch

  • Datum: dinsdag 3 december
  • Tijd: 13.00-17.00 uur (inloop vanaf 12.30 uur!)
  • Locatie: De Kroepoekfabriek, Koningin Wilhelminahaven Zuidzijde 2a in Vlaardingen
  • Voor wie: ambtenaren gebouwd erfgoed en ruimtelijke ordening, leden van erfgoedverenigingen, leden van gemeentelijke erfgoedcommissies en betrokkenen van industriële herbestemmingen.

Organisatie

De Studiemiddag is georganiseerd door Erfgoedhuis Zuid-Holland en de provincie Zuid-Holland.

Met deze subsidieregeling verstrekt de provincie subsidies voor restauratie van rijksmonumenten en voor maatregelen ten behoeve van de verbetering van de toegankelijkheid en duurzaamheid van het monument. Door deze subsidie wordt de herbestemming van de monumenten bevorderd.

Gedeputeerde Staten hebben op 12 november 2019 tot deze wijziging besloten. Hiermee zal onder meer de praktische afhandeling van de subsidies in 2020 beter verlopen. Daarnaast komt klinkend erfgoed, zoals een kerkorgel, eerder in aanmerking voor subsidie. Ook kan men subsidie voor toegankelijkheids- en duurzaamheidsmaatregelen aanvragen zonder dat er sprake is van een door de provincie verstrekte restauratiesubsidie. Voorheen was deze subsidie wel gekoppeld aan het verkrijgen van een subsidie voor restauratie. Ook maakt de wijziging het mogelijk om voor de financiering een lening van het Nationaal Restauratie Fonds te combineren met provinciale subsidie.

Indieningstermijn subsidieaanvagen

Gedeputeerde Staten hebben ervoor gekozen om de indieningstermijn voor subsidieaanvragen voor toegankelijkheids- en duurzaamheidsmaatregelen ten behoeve van de herbestemming van het monument te wijzigen. Van 1 mei 2020 tot 1 juli 2020 kan hiervoor een subsidieaanvraag worden ingediend. De indieningstermijn voor subsidieaanvragen voor restauratie blijft ongewijzigd. Aanvragen hiervoor kunnen worden ingediend van 1 december 2019 tot 1 maart 2020. De provincie heeft op dit moment een bedrag van €1.133.471 ter beschikking gesteld voor de uitvoering van de regeling.

Informatiebijeenkomst subsidieaanvraag 3 december 2019

Op 3 december 2019 helpen wij u graag om uw aanvraag goed en compleet bij ons in te kunnen dienen. Daarom organiseren wij een inloopbijeenkomst, waarbij u uw vragen over het aanvragen van subsidie kunt stellen aan onze medewerkers. De bijeenkomst vindt plaats tussen 16.00 uur en 19.00 uur in vergaderzaal Y402 op de vierde etage van het Ypsilon-gebouw aan de Floris Grijpstraat 2 te Den Haag (let op! Dit is NIET in het provinciehuis!). Om u zo snel mogelijk van dienst te kunnen zijn, vragen wij u om u vooraf aan te melden via subsidies@pzh.nl. Geeft u daarbij aan of u wilt komen tussen 16.00-17.00 uur, tussen 17.00-18.00 uur of tussen 18.00-19.00 uur.

De provincie wil erfgoed graag doorgeven aan toekomstige generaties. De monumenten vertellen het verhaal van Zuid-Holland. Zij verlenen identiteit, levendigheid en kwaliteit aan de leefomgeving. Zuid-Holland is rijk aan monumentale gebouwen. Sommigen van deze gebouwen staan leeg, wat vaak tot verval leidt. De provincie trekt zich het lot aan van rijksmonumenten door restauratie en herbestemming te stimuleren onder meer door de Subsidieregeling Restauratie rijksmonumenten Zuid-Holland. Met deze subsidieregeling wil de provincie ook werkgelegenheid en vakmanschap in de restauratiemarkt bevorderen.

In het huidige subsidiejaar 2019 zijn subsidies voor restauraties van onder meer boerderijen, kerken en molens verstrekt voor ca. €2,76 mln en een bedrag van ca. €200.000 voor toegankelijkheids- en duurzaamheidsmaatregelen in het kader van herbestemming. Eén van deze projecten betreft De Vlietwoning in Naaldwijk.

Herbestemming ZH organiseerde onlangs een expertmeeting in samenwerking met de gemeente Hellevoetsluis. Tijdens de expertmeeting genereerden herbestemmings-experts samen met betrokkenen ideeën voor de toekomst van het Marinekwartier in Hellevoetsluis.

De deelnemers gingen in groepen aan de slag om vanuit verschillende invalshoeken na te denken over een passend gebruik voor het terrein.

Zie deze pagina voor meer informatie over de bijeenkomst en om het bijbehorende verslag te downloaden.

Jaarlijks kent de provincie Zuid-Holland subsidie toe ten behoeve van restauratie en herbestemming van rijksmonumenten. Dit jaar wordt daarvoor een bedrag van bijna € 3 miljoen verstrekt. Door restauratie en herbestemming te stimuleren en mede daarmee verval en soms leegstand te voorkomen hoopt de provincie haar erfgoed te bewaren voor volgende generaties.

In het kader van de Subsidieregeling Rijksmonumenten restauratie en herbestemming Zuid-Holland 2013 konden eigenaren ook dit jaar tot 1 maart 2019 een subsidie-aanvraag indienen voor restauratie en herbestemming van hun rijksmonument. De provincie ontving maar liefst 28 aanvragen voor een restauratiesubsidie en 5 aanvragen voor een herbestemmingssubsidie.

Na beoordeling van de aanvragen, ontvangen uiteindelijk 22 van deze rijksmonumenten subsidie voor restauratie. Daarnaast ontvangen 4 rijksmonumenten subsidie voor maatregelen om de toegankelijkheid en duurzaamheid te vergroten en daarmee herbestemming bevorderen. Bekijk het overzicht verstrekte subsidies.

Bij de beoordeling van de subsidie-aanvragen is onder andere gekeken naar de bouwkundige staat van het rijksmonument, de cofinanciering, de publieke toegankelijkheid van het rijksmonumenten en de inzet van leerling-werkplaatsen.

De provincie Zuid-Holland geeft erfgoed graag door aan volgende generaties en stelt daarvoor subsidie beschikbaar. Erfgoed maakt de omgeving mooier, het onderstreept een oorspronkelijke identiteit en biedt kansen voor economische spin off.

De provincie trekt zich daarbij het lot aan van de rijksmonumenten met een restauratiebehoefte, waaronder de molens, binnenstedelijke rijksmonumenten, industriële en agrarische objecten en de in toenemende mate vrijkomende kerken. Met de Subsidieregeling Rijkmonumenten restauratie en herbestemming Zuid-Holland wil de provincie naast stimulering van blijvende investeringen in rijksmonumenten ook met de inzet van leerling-werkplaatsen werkgelegenheid en vakmanschap in de restauratiemarkt bevorderen. Dit doen wij samen met Restauratie Opleidingsprojecten (ROP).

Naast restauratie wil de provincie ook herbestemming en een betere toegankelijkheid van rijksmonumenten bevorderen. De provincie heeft hiertoe een aanjaagteam voor herbestemming van rijksmonumenten in Zuid-Holland aangesteld. Zij staan eigenaren desgewenst met raad en daad ter zijde.

Zuid-Holland is met 228 molens een molenrijke provincie. In de afgelopen decennia is veel aandacht uitgegaan naar de instandhouding van molens, in het bijzonder naar het gebouw als werktuig. De directe omgeving, het molenerf, kreeg die niet of nauwelijks. Maar het erf vertelt veel over het functioneren van de molen. Dit geldt in het bijzonder voor het erf van de poldermolen, omdat er op of bij de molen werd gewoond. Het erf vormt de context van de molen en heeft als zodanig invloed op de kwaliteit van de omgeving van de molen.

In de vorige eeuw zijn veel poldermolens verdwenen of buiten gebruik gesteld. Het aantal poldermolenaars dat oude verhalen en gebruiken kent, wordt kleiner. Deze handreiking is gemaakt om de kennis van molenerven te verzamelen en te delen. Erfgoedhuis Zuid-Holland wil met deze handreiking poldermolenaars van nu inspireren tot het doen van onderzoek naar het eigen molenerf. Want kennis van de inrichting in vroeger tijd is een inspiratiebron voor de invulling van het erf van nu.

Download hier de digitale versie van de handreiking Molenerven

Het verslag van de Netwerkbijeenkomst ‘Ruimte voor agrarisch erfgoed’ van 21 november 2018 is nu beschikbaar. Klik op de onderstaande link om deze in .pdf te downloaden.