De Duiventoren van Rijswijk

Elke maand reikt de provincie Zuid-Holland een Compliment voor het Monument uit als blijk van erkenning voor gerestaureerde monumenten. Het Compliment van februari gaat naar de duiventoren op Landgoed Te Werve in Rijswijk (Z-H). Deze unieke duiventoren dateert uit de 15e eeuw en is recent volledig gerestaureerd.

Erfgoed maakt de omgeving mooier en vertelt het verhaal van onze geschiedenis. Monumenten dragen bij aan de identiteit en kwaliteit van onze leefomgeving. De provincie Zuid-Holland houdt monumenten in stand door restauraties te stimuleren en leegstand te voorkomen door herbestemming. Zo zijn veel restauraties van rijksmonumenten en herbestemmingen financieel op gang geholpen. Hierdoor blijft ons erfgoed beleefbaar voor een zo groot mogelijk publiek, nu en in de toekomst.

De oudste Duiventoren van Nederland

Mirco Cuppens (Landgoed Te Werve) neemt het Compliment voor uw monument in ontvangst van Hanneke Nuijten, projectleider erfgoedlijn Landgoederenzone/Hollands Buiten.
Mirco Cuppens (Landgoed Te Werve) neemt het Compliment voor uw monument in ontvangst van Hanneke Nuijten, projectleider erfgoedlijn Landgoederenzone/Hollands Buiten.

De duiventoren dateert uit 1448, wanneer Jan Ruychrok, de schatmeester van Jacoba van Beieren, Te Werve koopt. Hij vergroot het landgoed aanzienlijk en laat ook een toren bouwen. Het is de oudste duiventoren die ons land nu nog kent.

Opmerkelijk is dat het onderste gedeelte van de muren, tot ca. 1,70 meter boven het maaiveld, een muurdikte hebben van 43 cm. Vanaf circa 1,70 meter hoogte worden ze 21 cm dik. Dit bewijst dat het gebouw niet altijd een duiventoren is geweest. Je bouwt tenslotte geen duiventoren met een wanddikte van bijna een halve meter.

Het Leidens Ontzet

Het vermoeden bestaat dan ook dat er een verband is tussen de toren en het ontzet van Leiden. Tijdens de gevechten rond Leiden is er ook in en om Rijswijk lange tijd bijna dagelijks gevochten, waarbij veel molens en torens vernield zijn. Deze gebouwen waren door hun bouw uitstekende uitkijkposten voor de Spaanse soldaten. Pas in 1576 lieten de Spaanse troepen Holland voor wat het was en keerden ze niet meer terug. Daarna is de toren hoogstwaarschijnlijk In 1590 omgebouwd naar een duiventoren in renaissance-stijl. Dit het jaartal is opgenomen in de zandstenen gevelsteen in de oostelijke gevel.

Het recht van duivenslag

De Duiventoren van Rijswijk
Detail van de Duiventoren van Te Werve in Rijswijk

De toren kent in elke gevel 29 duivengaten. Zo kon men in één oogopslag zien hoeveel grond de landheer had. In de middeleeuwen is het houden van duiven populair, voornamelijk voor consumptie. Het is echter wel omstreden vanwege de schade die duiven veroorzaken aan zaaigoed en de oogst op de omliggende velden. Langzaam ontstaat het idee dat het houden van duiven aan regels moet worden gebonden. En zo geschiedde. Het recht om duiven te houden is vanaf de 13de eeuw gekoppeld aan landbezit. Met eigen land is de kans op schade door duiven aan de gewassen van derden tenslotte minder groot. In de praktijk betekent dit dat het houden van duiven, het recht van duivenslag, vanaf dat moment voorbehouden is aan de kerk en adel. Dit recht is uiteindelijk in 1954 afgeschaft.

Restauratie

Mede met hulp van een subsidie van de erfgoedlijn Landgoederenzone van de Provincie Zuid-Holland en van het Prins Bernard Cultuurfonds afdeling Zuid-Holland is de duiventoren in de afgelopen maanden gerestaureerd, zodat hij weer in volle glorie op het landgoed staat te prijken. Samen met andere landgoederen en buitenplaatsen vertelt dit het verhaal van de adel en welvarende stedelingen in de Gouden Eeuw: het Hollands Buiten. Zie voor meer informatie over de te bezoeken locaties de website www.hollandsbuiten.nl.

Landgoed Te Werve

De geschiedenis van Landgoed Te Werve in Rijswijk is rijk en gaat ruim 750 jaar terug. In de loop der eeuwen heeft het landgoed de nodige bewoners van naam en faam gekend. De oudst bekende bewoner van Te Werve, toen nog alleen een versterkte toren of donjon, is Floris van de Werve die er rond 1260 woonde. De laatste particuliere bewoner van Te Werve was de oud-directeur van de Delftse aardenwerkfabriek De Porceleyne Fles, Abel Labouchère. Hoewel Landgoed Te Werve in de loop der eeuwen vele verbouwingen en gedaantewisselingen heeft ondergaan, is Labouchère voor een belangrijk deel verantwoordelijk voor het huidige aanzien. Hij geeft in 1910 toestemming voor zandwinning op zijn grond voor de ontwikkeling van het Haagse Laakkwartier, waardoor een waterpartij van negen hectare ontstaat die tegenwoordig bekend staat als ‘De Put’.

Speciale rondleiding

Het landgoed is toegankelijk voor donateurs van de stichting Vrienden van Te Werve. Tegen een kleine vergoeding is het landgoed voor hen het hele jaar toegankelijk (bezoek de website). Op Open Monumentendag en de Dag van het Kasteel is het landgoed voor iedereen te bezoeken. Voor niet donateurs wordt er, speciaal vanwege het provinciale Compliment, een rondleiding op het landgoed georganiseerd met een bezoek aan de duiventoren, op zondag 19 april 2020 om 15.00 uur. Indien u zich hiervoor wilt aanmelden, dan kunt u een e-mail sturen naar info@tewerve.nl.

Onze-Lieve-Vrouw ten Hemelopnemingkerk Voorburg

De herbestemming voor de Onze Lieve Vrouwe ten Hemelopnemingkerk in Voorburg komt heel dichtbij. Mede dankzij inspanning van de Aanjager herbestemming religieus erfgoed van de provincie Zuid-Holland is het kerkgebouw door de parochie verkocht aan een projectontwikkelaar. Deze gaat de herbestemming op zich nemen. Hiermee blijft het behoud van dit rijksmonument gewaarborgd.

De provincie voelt zich verbonden met haar kerkgebouwen. Voor velen voorheen een plek van spiritualiteit, bezinning en het vieren van mooie of markante levensmomenten. Kerken hebben bovendien veelal een kompasfunctie in ons Zuid-Hollandse landschap.

Op 17 februari 2020 markeerden gedeputeerde voor Zuid-Holland, Willy de Zoete, wethouder Van Eekelen van de gemeente Leidschendam-Voorburg, Marnix Norder van projectontwikkelaar Steenvlinder en de parochie het moment waarop we vooruit kijken naar de nieuwe bestemming van dit kerkgebouw. Het kerkgebouw zat ouderwets vol met buurtbewoners en andere belanghebbenden om dit herbestemmingsmoment mee te vieren. Er werd ook ruim gebruik gemaakt van de mogelijkheid om je op te geven om mee te denken over de herbestemming. Na twaalf jaar leegstand kan nu een start gemaakt worden met de herbestemming. De omvang en hoogte van de kerk en de bijzondere lichtinval door de glas in loodramen gaan een unieke ruimte bieden voor wonen en werken of het krijgt een culturele of openbare functie. Steenvlinder creëert hier een project waarbij omwonenden en toekomstige bewoners en gebruikers zelf de regie hebben over gebruik en inrichting van het gebouw.

Gedeputeerde Willy de Zoete: “Kerken zijn al eeuwen belangrijke bakens in het landschap voor onze inwoners. Vaak centraal in een dorp of stad of het middelpunt van wijken en buurten. Het is voor de beleving van onze geschiedenis, het behoud van markant erfgoed en voor de erkenning van hun maatschappelijke traditie goed dat lege kerken een nieuwe rol kunnen krijgen. Als woning, culturele of economische broedplaats of bijvoorbeeld als museum en zo onderdeel blijven van een lokale gemeenschap. De provincie Zuid-Holland ondersteunt dit streven naar hergebruik van, en een nieuwe toekomst voor, monumentaal religieus erfgoed”.

Aanjagers rijksmonumentaal erfgoed

Aanjagers erfgoed
Het aanjaagteam met van links naar rechts: Ton Vervoort, Klaas Telgenhof, Ruud Wiersum.

Sedert 2018 heeft de provincie drie aanjagers aangesteld om eigenaren van religieus, industrieel en agrarisch Rijksmonumentaal erfgoed te helpen bij het herbestemmen van hun panden. Onze aanjager religieus erfgoed was nauw betrokken bij de herbestemming van de Onze Lieve Vrouwe ten Hemelopnemingkerk. In goede samenwerking met de parochie en het bisdom heeft de aanjager een ontwikkelplan opgesteld, de firma Steenvlinder bereid gevonden het pand in ontwikkeling te nemen en bestuurlijke afstemming gezocht met de gemeente voor functiewijziging. Een zeer succesvol gezamenlijk traject.

De provincie bewaakt en behoudt haar cultureel erfgoed. Erfgoed maakt de omgeving mooier en blijft zo behouden voor een groot publiek. Nu en in de toekomst. Zo maken we Zuid-Holland elke dag een beetje beter.

Elke maand reikt provincie Zuid-Holland een Compliment voor het Monument uit als blijk van erkenning voor gerestaureerde en herbestemde monumenten. Het eerste Compliment voor het Monument gaat naar Nationaal Monument Oranjehotel in Den Haag.

Erfgoed maakt de omgeving mooier en vertelt het verhaal van onze geschiedenis. Monumenten dragen bij aan de identiteit en kwaliteit van onze leefomgeving. De provincie Zuid-Holland houdt monumenten in stand door restauraties te stimuleren en leegstand te voorkomen door herbestemming. De provincie heeft veel restauraties van rijksmonumenten en herbestemmingen financieel op gang geholpen.

In 2020 wil de provincie maandelijks een van deze bijzondere monumenten in het zonnetje zetten en haar waardering uitspreken voor restauraties waarbij de belangrijke cultuurhistorische waarde is behouden en voor herbestemmingen die een verrijking voor het monument zijn. Zij doet dat vanaf januari 2020 door maandelijks het Compliment voor het Monument uit te reiken.

Het Oranjehotel

Directeur van Monument Oranjehotel en projectleider Ron Brans van provincie Zuid-Holland bij de uitreiking van het Compliment
Directeur van het monument Oranjehotel Ank van der Laan en projectleider van de provinciale erfgoedlijn Atlantikwall Ron Brans bij de uitreiking van het Compliment

Het Compliment voor het Monument gaat dit keer naar Nationaal Monument Oranjehotel in Den Haag. Het ‘Oranjehotel’ was tijdens de Tweede Wereldoorlog in de volksmond de naam van de cellenbarakken van de Scheveningse gevangenis. Gelegen in het bestuurlijk centrum van Nederland, en van de bezettingsmacht, was het Oranjehotel gedurende de gehele oorlog een gevangenis in Duitse handen. Tenminste 25.000 Nederlanders die zich tegen de Duitsers verzet hebben, werden er opgesloten voor verhoor en berechting door de rechtbanken van de nationaalsocialisten (nazi’s). Vanuit heel Nederland vervoerden de nazi’s verzetsmensen naar het Oranjehotel. Ook tijdens grote processen, zoals van de Geuzen en de Stijkelgroep, werden de verdachten in het Oranjehotel gevangen gehouden.

Het Oranjehotel in Den Haag
Galerij met cellenblokken Oranjehotel

Talloze prominente verzetsmensen werden opgesloten in het Oranjehotel: Pim Boellaard, Titus Brandsma, Ruurd Cleveringa, Han Stijkel, Erik Hazelhoff Roelfzema, Stuuf Wiardi Beekman en Bernard IJzerdraat. Na hun vonnis werden duizenden gevangenen vanuit het Oranjehotel, vaak via de kampen Vught en Amersfoort, gedeporteerd naar de kampen in Duitsland, waar zeer velen omkwamen. Meer dan tweehonderd terdoodveroordeelden brachten hun laatste uren door in de dodencellen van het Oranjehotel. Vanuit daar werden zij door het “Poortje” in de lange gevangenismuur naar de Waalsdorpervlakte gebracht, waar zij werden gefusilleerd.

Kruizen Waalsdorpervlakte kleiner. Foto Arjan de Jager
Kruizen van de Waalsdorpervlakte, tentoongesteld in het Herinneringscentrum. Foto: Arjan de Jager

De geest van verzet

Het Oranjehotel ademt de geest van verzet, de geest van moedige mensen die zich tegen onrecht en geweld verzet hebben. Deze nalatenschap inspireert en is van cruciaal belang, altijd en overal, in de strijd voor een rechtvaardige samenleving. Dit maakt het Oranjehotel, in het bijzonder Doodencel 601, een authentiek en uniek monument.

Het Oranjehotel - Herinneringscentrum
Herinneringscentrum van het Oranjehotel. Foto: Arjan de Jager

Het Herinneringscentrum Oranjehotel biedt de bezoekers een educatief programma aan over de geschiedenis en de betekenis van het Oranjehotel in de Tweede Wereldoorlog.

Beter toegankelijk

In december 2016 heeft de provincie mede dankzij de erfgoedlijn Atlantikwall een subsidie van €573.000 verleend voor de grootscheepse restauratie en herbestemming van het Oranjehotel. Dankzij dit bedrag kon het cellenblok beter toegankelijk worden gemaakt. Dit maakt de herinnering aan, en het herdenken van, de gruwelijke geschiedenis van dit monument beter mogelijk. Daarmee komt een essentiële functie van het gebouw nog beter tot zijn recht en is dit een mooie plek om te herdenken en om steeds weer onze vrijheid te vieren en te koesteren.

Watertorenprijs

De Architectuurprijs, de Zwarte Tulpprijs en de Watertorenprijs: in een drietal competities ontvingen herbestemmingen in Zuid-Holland de afgelopen weken een officiële blijk van erkenning voor behoud, restauratie en doorontwikkeling.

Architectuurprijs 2019 naar Fenix I Rotterdam

Fenix I is de winnaar van de vakjuryprijs en de publieksprijs bij de Rotterdam Architectuurprijs 2019. Fenix I werd woensdagavond 18 december met beide prijzen bekroond tijdens een feestelijke bijeenkomst in de Burgerzaal van het stadhuis Rotterdam. Zowel bij de vakjury als bij het grote publiek kon Fenix I rekenen op grote waardering. Dit jaar werd de Rotterdam Architectuurprijs voor de tiende keer uitgereikt. Het is een gebouw als stad, constateerde de jury. Ontworpen door Mei architects & planners met als opdrachtgever en bouwer Heijmans combineert het gebouw wonen en stedelijk leven, en bouwt letterlijk door op de geschiedenis van Rotterdam; het pand ligt boven op een oude loods.

Zwarte Tulpprijs 2019 voor bollenschuur in Katwijk

De eigenaars van een 125 jaar oude bollenschuur aan de Rijnstraat 6 in Katwijk hebben de Zwarte Tulp Prijs 2019 voor behoud en herbestemming van bollenschuren ontvangen. Wouter Jinssen en Corina Krijgsman kregen de prijs voor de voorbeeldige manier waarop zij hun pand in Katwijk aan de Rijn hebben gerestaureerd en voor de toekomst hebben behouden.

Watertorenprijs 2019 voor herbestemming Zwijndrecht

Isa Ambacht, eigenaar van een watertoren in Zwijndrecht, heeft op 11 december de watertorenprijs 2019 in de wacht gesleept voor de herbestemming van de watertoren te Zwijndrecht. De award, ingesteld door de Nederlandse Watertoren Stichting (NWS), is door de beleggingsinstelling met enig ceremonieel uitgereikt in de het markante rijksmonument van 41 meter hoog. De toren kreeg na jaren leegstand en verschillende plannen uiteindelijk een mooie nieuwe inrichting. Pal naast het gebouw, grenzend aan de Oude Maas, is bovendien de eerste Petit Place neergezet, een tiny house, modulair opgebouwd en duurzaam.

De Van Nelle-fabriek in Rotterdam, het Energiehuis in Dordrecht en de Meelfabriek in Leiden: stuk voor stuk aansprekende projecten die illustreren welk potentieel er schuil kan gaan in vervallend industrieel erfgoed. Op dinsdag 3 december organiseerde het Erfgoedhuis in samenwerking met de provincie Zuid-Holland de Studiemiddag Herbestemmen Industrieel Erfgoed, waarbij we keken naar de kansen en uitdagingen van herbestemmen aan de hand van twee specifieke initiatieven. Bekijk de presentaties terug via deze pagina.

Het Nederlandse Industrieel Erfgoed stond in 1996 – het Jaar van het Industrieel Erfgoed – voor het eerst in de schijnwerpers. Sindsdien is de belangstelling voor dit ruwe en stoere erfgoed enorm gegroeid. In de loop der jaren hebben tal van partijen er voor gezorgd dat karakteristieke industriële gebouwen op een creatieve en inspirerende wijze een succesvol tweede leven hebben gekregen.

Op de studiemiddag over Industrieel erfgoed op 3 december keken we naar de kansen en uitdagingen van herbestemmen, aan de hand van meerdere specifieke initiatieven. In de meeste gevallen zijn herbestemmingen moeizame (gebieds-) processen waarbij betrokkenen een lange adem moeten hebben. Het begint veelal met een (goed) idee van een gewenste herbestemming die andere partijen inspireert. Een herbestemming is altijd een gezamenlijk proces.

Tijdens de studiemiddag werd gekeken naar de kansen en uitdagingen van twee herbestemmingsinitiatieven die nog niet zijn afgerond, maar al wel in gang zijn gezet.

Bekijk de presentaties terug

Het Grote Kantoor in Delft (afbeelding uit presentatie Ton Vervoort)

Bekijk de presentaties hier terug (PDF opent in nieuwe tab):

Programma

  • 12.30 – 13.15: Ontvangst met koffie/thee & indeling in groepen
  • 13.15 – 14.00: Rondleiding over het terrein van de Wilhelminahaven door Guido de Jong e.a.
  • 14.00 – 14.30: Terug naar de Kroepoekfabriek, warm drankje + verzamelen in de plenaire zaal
  • 14.30 – 14.45: Welkomstwoord Marielle Hendriks, directeur Erfgoedhuis Zuid-Holland
  • 14.45 – 15.15: Ton Vervoort, Aanjager Industrieel Erfgoed 
  • 15.15 – 15.45: Aart Spoon: Ervaringen met Herbestemmen Industrieel Erfgoed (o.a. Cichoreifabriek Ouddorp, Meelfabriek Leiden)
  • 15.45 – 16.15: Discussie en vragen
  • 16.15 – 17.00: Drankje & Netwerken

Praktisch

  • Datum: dinsdag 3 december
  • Tijd: 13.00-17.00 uur (inloop vanaf 12.30 uur!)
  • Locatie: De Kroepoekfabriek, Koningin Wilhelminahaven Zuidzijde 2a in Vlaardingen
  • Voor wie: ambtenaren gebouwd erfgoed en ruimtelijke ordening, leden van erfgoedverenigingen, leden van gemeentelijke erfgoedcommissies en betrokkenen van industriële herbestemmingen.

Organisatie

De Studiemiddag is georganiseerd door Erfgoedhuis Zuid-Holland en de provincie Zuid-Holland.

Ab van der Wiel – de initiatiefnemer en inspirator van de herbestemming van de ‘De Meelfabriek’ in Leiden – had vandaag een extra reden voor een mooie dag. Naast het slaan van de eerste paal voor de parkeergarage door VNO-NCW voorzitter Hans de Boer, ontving hij uit handen van Restauratiefonds-directeur Kees-Jan Dosker het “Restauratiefonds compliment 2018”. Het Nationaal Restauratiefonds reikt deze prijs jaarlijks uit aan initiatiefrijke mensen, die een impactvolle bijdrage leveren aan het in stand houden van monumenten. Ab van der Wiel voldoet zeker aan deze criteria en ontving daarom vandaag deze prijs.

Geïnspireerd door een onverwachte kennismaking met het industrieel erfgoed in het Meatpacking district in Manhattan (New York) ruim 30 jaar geleden, kocht hij in 1998 de Meelfabriek. Uit de monumentale restanten van het industriële verleden wil hij daar zijn ‘Meelhattan’ laten verrijzen. Van der Wiel is de grondlegger van de herbestemming van de Meelfabriek en de herontwikkeling van het complete gebied. Hier wil hij zijn ‘stad van de toekomst’ ontwikkelen, waarbij ook veel geïnvesteerd wordt in duurzaamheid.

Hij zal niet stoppen voordat de realisatie hiervan een feit is. Het is zijn levenswerk geworden. Zijn flexibiliteit en doorzettingsvermogen zijn dan ook bijzonder groot. Zijn visie op de ontwikkeling van de Meelfabriek is zelfs van invloed geweest op de totstandkoming van de Restauratiefondplus-hypotheek in 2012. Deze laagrentende lening voor initiatiefnemers van grootschalige restauraties en herbestemmingen werd door het Restauratiefonds in opdracht van het ministerie van OCW ontwikkeld. Zij stelde hiervoor middelen beschikbaar. Inmiddels zijn hiermee al meer dan 100 monumentale projecten gefinancierd.  Alle reden voor het Restauratiefonds om de heer Van der Wiel vandaag te verrassen met het Restauratiefonds-compliment.

Tekst en beeld: Herbestemming.nu

Het verslag van de Netwerkbijeenkomst ‘Ruimte voor industrieel erfgoed’ van 23 mei 2018 is nu beschikbaar. Klik hier of op de onderstaande afbeelding om deze in .pdf te downloaden.

 

De provincie Zuid-Holland heeft deze week o.a. twee belangrijke subsidieaanvragen voor monumentale restauraties gehonoreerd: één voor cichoreifabriek Ceres in Ouddorp (333.000 euro) en één voor de Waaiersluis (229.000 euro) in Gouda. De geldelijke steun is toegekend in het kader van de Subsidieregeling restauratie rijksmonumenten. Daarmee beoogt het provinciebestuur naast stimulering van blijvende investeringen werkgelegenheid en vakmanschap in de restauratiemarkt te bevorderen, evenals herbestemming van rijksmonumenten.

Waaiersluis
De werkzaamheden aan de Waaiersluis, in opdracht van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden, zijn al begonnen. De eerste fase van de restauratie van deze belangrijke route voor de pleziervaart is in volle gang. Het karwei wordt naar verwachting in september 2019 afgerond.

Cichoreifabriek
De restauratie/herbestemming van de Cichoreifabriek, verzorgd door BPD Ontwikkeling/2D Vastgoed, bevindt zich nog in de vergunningsfase, maar het voornemen is de bierbrouwerij, proeflokaal, evenementenlocatie in juli/augustus volgend jaar te openen. De subsidieaanvragen voor beide projecten zijn verzorgd door Hylkema erfgoed (Utrecht). Lees hier meer over de plannen voor Cichoreifabriek Ceres.

Foto: de Waaiersluis in Gouda.
Tekst: www.monumentaal.com